De wonderlijke wegen van Pep Claros

Door: Paul Zweverink

De meeste sportcoaches zijn kleurrijke mensen. Maar je hebt ze in saaie kleuren en je hebt ze in uitbundige en opmerkelijke pluimage. Josep (Pep) Claros bracht een wel heel uitgesproken kleurenpalet met zich mee. De Spaanse coach van Donar, toen was misschien niet de beste, maar liet wel degelijk van zich zien en horen.

Toen het duidelijk werd dat succescoach Ton Boot in het voorjaar van 2007 aan zijn laatste seizoen als coach in Groningen bezig was, moest Donar op zoek naar een opvolger. Toenmalig technische baas in het bestuur Albert van der Ark ging op de verrassende toer. Geen Nederlander, maar een basketbalcoach uit Spanje, misschien wel hét basketballand van Europa: Josep Claros dus, wiens voornaam in de volksmond Pep was. De lokale pers verzamelde zich voor de presentatie in de Hanzevast-villa aan de Hereweg en zag een flamboyante en bevlogen man achter zijn naambordje.

De verwachtingen waren hoog gespannen bij de grote basketbalaanhang in Groningen en omstreken. Een Spaanse coach, dat kon toch bijna niet mis gaan? De werkelijkheid was toch een tikje weerbarstig. Zeker, de bevlogen Spanjaard faalde niet, maar overtuigend was zijn optreden als coach toch ook niet. Maar veel wat Pep deed, uitstraalde en riep was zeker opmerkelijk en boeiend.

Zo was er het ‘tafelmoment’. Het liep niet zo lekker bij Donar tijdens een thuisduel waardoor Pep zich genoodzaakt voelde het vuurtje op te stoken. Nadat hij het had geprobeerd met een donder-time out, sprong hij plotseling pal voor de neus van geschrokken officials op de jurytafel en zweepte vanaf daar het thuispubliek met woeste armgebaren op. Hetgeen hem op een vermaning kwam te staan.

In zijn coaching bleek Claros nogal eenzijdig. Korter gezegd hij had alleen een plan A: full court press. Hij wilde dat zijn team de tegenstander optimaal opjoeg. Als journalist vroeg ik hem een keer na een nederlaag: ‘heb je ook een plan B als plan A niet blijkt te werken?’ Zijn antwoord was simpel en duidelijk. ‘If the press doesn’t work, we even press harder’. Meer van hetzelfde dus. Ik geloofde er toen nog wel in, maar dat veranderde op slag toen ik in Leiden pal naast het tribune-vak zat waar de Donar-spelersvrouwen zaten. Zij gaven luidkeels af op het tactische systeem van de coach. En ik dacht: ‘dat moeten ze thuis horen van hun mannen’…….

Toch was Pep Claros een innemende persoonlijkheid. Hij was gemakkelijk benaderbaar en altijd in voor een woordje. Eén van de hoogtepunten was de Europese uitwedstrijd van Donar (toen nog onder de lelijke naam Hanzevast Capitals) in de eerste ronde van de ULEB-Cup in Roemenië. Voor het Dagblad van het Noorden deed ik verslag van dat avontuur. De tegenstander droeg de naam CSU Asesoft en huisde in Ploeisti, een kleine honderd kilometer ten noorden van de hoofdstad Boekarest.

Nadat ik me had in gecheckt in een hotel vlak bij het vliegveld, ging ik op zoek naar de mogelijkheden om de volgende dag in Ploeisti te geraken. Tot mijn aangename verrassing  meldden niet veel later de broers Steven en Bas Kammenga zich in hetzelfde hotel. Zij bleken de enige twee Donar-fans die de het team gingen steunen in Roemenië. Samen maakten we een plan voor de trip en we kozen er voor met de trein te gaan. Dat werd een mooie belevenis in een stampvolle trein, waar vooral veel mensen van het platteland zich lieten vervoeren. Tegenover mij zat een boerig echtpaar waarvan de vrouw het niet kon laten mijn spijkerbroek te voelen. ‘America, America’ zei ze.

Aangekomen in Ploeisti kregen we gelijk een soort Ceaucescu-gevoel. Een typisch Oost-Europese stad. Grauwe huizenblokken, pompeuze gebouwen en de sporthal waar Donar moest spelen, zou ook in pak’m beet Dnjepropetrovsk of Bakoe kunnen staan: groot, grauw, vierkant en alles van beton. De lange wandeling van het station naar de hal onderbraken we met een karige lunch. De wedstrijd in de redelijk gevulde sporthal eindigde in een kleine 80-73 nederlaag met van Donar-zijde een glansrol voor Rogier Jansen, die een dijk van een wedstrijd speelde. Nadat ik mijn verhaal had gemaakt en doorgezonden, moesten Steven, Bas en ik als een speer naar het station teneinde de laatste trein naar Boekarest te halen. Maar we hadden buiten Pep Claros gerekend. Hij stond erop dat we met het team mee gingen naar hun hotel in Ploeisti om daar een hapje en drankje te doen. ‘I order and pay you a taxi to Boekarest’, zei hij.

Dat was ook Pep Claros. We hadden een heel leuk uurtje in de lobby van het hotel, waarna de bestelde taxi voor reed. Het werd een geweldige rit. Eerst de onderhandelingen over de prijs. Nou ja, van onderhandelen kwam weinig. De chauffeur van de rammelende auto met een lange barst in de voorruit antwoordde op mijn vraag: how much? Hij vroeg: ‘Fifteen Euro?’….. We keken elkaar aan, vijftien? Voor honderd kilometer? We gaven twintig en de man was de koning te rijk. Eenmaal buiten Ploeisti werd alles heel donker. De gekste dingen speelden zich af. Onderweg moest de chauffeur zeker drie keer uitwijken voor op de weg lopende paarden, die op de warmte van het asfalt afkwamen. De chauffeur wees op de barst in de voorruit: dat dus, hij had wel eens een paard geraakt.

Later zag ik een heel klein lichtje in het pikkeduister. Het bleek een wegwerker die midden in de nacht en midden op de weg met een klusje bezig was. Hij had een olielampje als beveiliging neergezet. Levensgevaarlijk leek me, maar de chauffeur haalde de schouders op. ‘Normal here’.

Eenmaal terug in Groningen vroeg Claros me nog hoe alles verlopen was. Dat tekende hem wel als mens. De thuiswedstrijd tegen de Roemenen ging vervolgens nogal mis. Donar verloor met 81-95.

Pep Claros kreeg geen verlenging van zijn contract, waar ik me wel in kon vinden. Het was gewoon te weinig wat hij als coach presteerde. Maar als mens viel er niet veel aan te merken op de flamboyante Spanjaard.


Paul Zweverink

Over Paul Zweverink

Paul Zweverink is ondanks zijn ‘pensionado-schap’ nog altijd langs de velden in de hallen en overal waar sport bedreven wordt te vinden. Hij is freelancer bij het Dagblad, speurt als scout naar talent voor FC Groningen en is bij die club ook intermediair tussen de supportersgroepen en clubleiding. Met regelmaat produceert Paul uiterst lezenswaardige verhalen en columns voor Sport in Stad.