De sportwereld rond in een 11-tal vragen: Jan Vlieg

Door: Jan A. Van der Veen

Door Jan A. Van der Veen
20 augustus 2017
Beeld: archief FC Groningen

Hij zag het levenslicht op 1 februari 1950 in Workum. Arriveerde in de zomer van 1962 in Middelstum en voltooide de inburgeringscursus met glans. Jan Vlieg ging verderop in het leven studeren aan de Rijks HBS in de Kruisstraat in Stad en ging ook met succes tekeer op de Academie voor Lichamelijke Opvoeding. Hij betrok een huisje aan de Zaagmuldersweg. Tegenwoordig is Jan trotse eigenaar van een appartement op de hoek van de Oosterstraat en het Gedempte Kattendiep. Hij heeft twee dochters en een zoon uit een vervlogen relatie. Zij allen wonen ook in Stad.

Vanaf 1965 staat tafeltennis centraal in z'n leven. Hij was een gewaardeerd speler, een verdienstelijk oprichter en voorzitter van Midstars en een topcoach van Midstars en het Nederlands team. Ook bekleedde Jan de functie van technisch directeur van de NTTB. Op het EK van 1992 in Stuttgart leidde hij Oranje tot nimmer geevenaarde successen. Liefst vier medailles vielen ten prooi aan het Nederlands team met natuurlijk als uitschieter de Europese titel van Bettine Vriesekoop. Jan greep als coach met Midstars het landskampioenschap en was ooit als speler Nederlands kampioen der studenten. Hij rekende in de finale af met z'n jongere broer Anne. Nu is Jan consultant tafeltennis en columnist van Sport in Stad.

Wat is voor jou het indrukwekkendste moment uit de Groninger sportgeschiedenis?
Dat zijn er een hele boel. De eerste landstitel van Donar, de eerste landstitel van Lycurgus, de enige landstitel van GIJS, de enige landstitel van Midstars, de bronzen Olympische schaatsmedaille van Jan Pesman in Squaw Valley, de bekerwinst van FC Groningen op PEC Zwolle en de overwinningen van FC Groningen in de Europa Cup in het Oosterpark op Atletico Madrid en Internazionale. En uiteraard het feit dat Pieter van Tuinen uit Winsum op een PC in Franeker uitgeroepen werd tot koning van Friesland. Wij Groningers hadden Friesland toen dus kunnen annexeren.

Leukste sport om naar te kijken?
NBA basketbal. Het zijn zonder uitzondering superatleten. En het is uitzonderlijk spectaculair. In m'n studententijd was ik spelverdeler van Groene Uilen. Ik was een jongeman met heel lang haar net als de andere spelverdeler Ton Nederhoed. Onze coach Ruud Skala zei op een bepaald moment dat we flink aan de bak moesten want Donar zou losgekoppeld worden van Vindiquat. Hij vond dat wij wel hogerop konden. Ton heeft jaren voor Donar gespeeld en ook talloze malen het Oranjeshirt gedragen.

Leukste sport om te doen?
Eigenlijk alle balsporten. Ik heb gevoetbald, getennist, gevolleybald, gebasketbald, aan atletiek gedaan en geschaakt en gedamd. Ik vraag me nog wel eens af waarom ik eigenlijk altijd in het tafeltennis ben blijven hangen. Er is geen sport waarin de factor angst zo'n grote rol speelt. Je moet tactisch, fysiek, mentaal en psychisch tiptop zijn. Vaak zijn een of twee zaken niet okay. En ja, dat kleine balletjes maakt soms capriolen. Heel soms valt alles op z'n plek. Dan krijg je een orgasme van jewelste.

Favoriete sporter aller tijden?
Michael Jordan. Hij kon vliegen met al die spiermassa's. Terwijl iedereen in dalende lijn was zweefde hij meestal nog. Hij is een formidabelebasketballer. Johan Cruijff komt bij mij op twee en Usain Bolt op drie. Op vier zet ik...oh, mag dat niet?

Grootste ergernis op sportgebied?
De overtreding. Dat spreekt voor zich lijkt me. En ik erger me vreselijk aan dat schaatsen waarover de Amerikanen zeggen, dat is kijken naar hoe gras groeit. Op tv heb je een presentator en twee analisten aan tafel, twee commentatoren en ook nog een verslaggever bij de baan. Dan komt er een schaatser na een tien kilometer bij de microfoon en zegt 'Ik heb hem goed vlak gereden'. Vervolgens buigen al die dames en heren zich over die vlakke race. En dan schuiven twee nieuwe analisten aan tafel voor sprintafstanden. Het kost bakken met geld en dus zijn andere sporten de klos. Die krijgen geen zendtijd omdat de beurs leeg is. Schandalig.

Beste sportprogramma op televisie?
De leukste is zonneklaar VI met Johan Derksen als drijvende kracht. Ik zou niet meer kijken als hij stopt. Rene van der Gijp z'n grappen, grollen en gehinnik vind ik helemaal niks. Als hij echt over voetbal praat zegt hij wel zinnige dingen. Wilfred Genee is de verbindingsman. Hij kan wel een stootje verdragen. Ook ben ik op de Belg vaste volger van de Tour, Giro, Vuelta en de wielerklassiekers.

Beste sportprogramma op de radio?
Natuurlijk radio Tourflits. Vroeger was de Tour niet live op tv. Na afloop van een etappe stapten m'n vriendjes en ik altijd op onze fietsjes en imiteerden we de hele boel. Dat was een prachtige tijd. Theo Koomen bracht ons via de radio altijd in grote staat van opwinding. Hij gaf ook een keertje in Delfzijl commentaar bij een demonstratiepartij van Anne en mij. Theo schreeuwde de hele zaal bij elkaar. Hij was een fantastische man.

Beste sportboek?
Alle schaakliteratuur. De Koning van Jan Hein Donner staat bij mij bovenaan. Bijna alle schakers zijn goeie vertellers. De match om de wereldtitel tussen Fischer en Spasski in Reykjavik is ook eminent beschreven. Fisher was toen al een beetje paranoide. Hij kwam de eerste twee partijen gewoon niet opdagen en stond dus met 2-0 achter. Daarna veegde hij Spasski iedere partij van het bord.

Teamsport of individuele sport?
Eigenlijk teamsport vermits elke positie in het team adequaat bezet is en dat is meestal het probleem. Als spelverdeler in basketbal, volleybal en voetbal had ik ook te maken met de zwakste schakels. Ik concentreerde me altijd op de schoonheid van het spelletje en ergerde me kapot aan figuren die het net niet of nauwelijks begrepen. Uiteindelijk heb ik dus gekozen voor een individuele sport. Vanaf dat moment hoefde ik me niet meer te ergeren.

Wat is de sportlocatie van de stad?
Die is er nog steeds niet. Begin jaren '80 heb ik al gepleit voor een multifunctioneel sportcentrum waarin Donar, Lycurgus en Nic. kunnen spelen en waarin ook plaats is voor tafeltennis, dammen en schaken. Als gevolg daarvan is toen Topsport Groningen tot stand gekomen. Daar maakten later onder anderen Grietje Pasma en Joop Alberda deel vanuit. De ideale accomodatie bestaat dus niet. Dus kies ik voor de ACLO op het Zernikecomplex waarin dageljks honderden studenten aan het sporten zijn. Het heet nu geloof ik Sportcentrum Rijksuniversiteit en Hanzehogeschool.

Met wie zou je wel eens een Groninger koek van Stadsbakker Meijer als ontbijtje willen nuttigen?
Nu sla ik even helemaal dicht. Kan ik wellicht bij Stadsbakker Meijer een Friese reepjeskoek ophalen? Dan ga ik lekker met mezelf in conclaaf.


Jan A. Van der Veen

Over Jan A. Van der Veen

Jan van der Veen werkte jaren voor het Nieuwsblad van het Noorden. Daarna als freelance journalist onder meer voor het Algemeen Dagblad, De Volkskrant, KRO, Veronica, Sport7 en SBS om zijn loopbaan vervolgens dicht bij huis af sluiten bij RTV Noord. Altijd in voor nieuwe dingen. Kritisch waar nodig, maar met name enthousiast.